Met Kompas slaan we CO₂ uit de industrie veilig en permanent op in een leeg gasveld onder de Noordzee. Zo dragen we bij aan de Nederlandse en Europese klimaatdoelstellingen.

Kompas omvat de installatie van het Q16-B-injectieplatform en een aflaadstation voor de opslag van CO₂ in de Nederlandse Noordzee ter hoogte van de Maasvlakte. Het injectieplatform en het aflaadstation worden verbonden door een pijpleiding. Na beëindiging van Kompas worden het platform en aflaatstation verwijderd en mogelijk op een ander project hergebruikt.
Het leeggeproduceerde gasveld Q16-FA wordt de CO₂-opslaglocatie van Kompas. Dit gasveld ligt in het Q16-blok van het Nederlandse deel van de Noordzee. De CO₂ die hier wordt opgeslagen, is afkomstig van industrieën op land die moeilijk te verduurzamen zijn. Na afvang wordt de CO₂ per schip vervoerd naar de locatie van Kompas op de Noordzee. Vanaf daar wordt de CO₂ via een injectieplatform in het gasveld onder de zeebodem gebracht.
De offshore CO2-opslaglocatie van Kompas ligt op circa 10 kilometer van de Tweede Maasvlakte. De exacte positie van het injectieplatform is nog niet definitief. Er vindt momenteel onderzoek plaats om de meest geschikte locatie te bepalen. De kaart hieronder toont de locatie van het Q16-FA gasveld en een mogelijke locatie van het project.
Bij het locatieonderzoek wordt zorgvuldig rekening gehouden met de vele activiteiten en installaties op de Noordzee. Daarbij wordt gekeken naar bestaande infrastructuur, zoals kabels en leidingen van andere projecten, scheepvaartroutes en andere functies van het gebied, waaronder zandwinning, visserij, ankerplaatsen en beschermde natuurgebieden (Natura 2000). Verschillende externe partijen dragen bij aan dit onderzoek. Ook worden er gesprekken gevoerd met stakeholders, zoals havenmeesters, Rijkswaterstaat en de Kustwacht.
Jaarlijks wordt tot 1,2 Mt CO₂ geïnjecteerd en permanent opgeslagen. Dit staat gelijk aan de jaarlijkse uitstoot van ongeveer 700.000 auto’s.
Het transport
Voor Kompas is gekozen voor CO₂-transport per schip.
Dit is een bewuste keuze, omdat er nog geen bestaand
pijpleidingnetwerk is voor CO₂ en scheepstransport
sneller te realiseren is. Scheepstransport biedt bovendien
flexibiliteit voor toekomstige projecten.
Bovengrondse installaties
Het project omvat de installatie van het injectieplatform, een aflaadstation, een korte pijpleiding die het offshore platform verbindt met het aflaadstation en de opslaglocatie.
Het injectieplatform
Het Q16-B-platform is het hart van het Kompas-project. Vanaf dit offshore-platform wordt CO₂ via injectieputten veilig en permanent opgeslagen in het lege gasveld Q16-FA, diep onder de zeebodem. Dit kan een bestaand platform zijn dat wordt hergebruikt of een nieuw te bouwen platform. Het P11-E platform van ONE-Dyas, hier recht afgebeeld, behoort tot de opties voor hergebruik.
Het Q16-B-platform zal ongeveer 30 meter boven het zeeoppervlak steken. Dat betekent dat het platform zeven tot acht keer lager is dan de nabijgelegen windmolens van het windpark Hollandse Kust Zuid.


Het aflaadstation
Naast het platform komt een speciaal aflaadstation waar schepen CO₂ kunnen lossen. Het injectieplatform en aflaadstation staan circa één kilometer van elkaar. De CO2 zal via een pijpleiding worden getransporteerd van de loslocatie naar het injectieplatform.
Hier links staat een impressie van het aflaadstation met daarnaast de neus van een mogelijk schip. Er nog geen definitieve beslissing genomen over het ontwerp van het aflaadstation.
Alle documenten en officiële projectinformatie over Kompas zijn te vinden op de projectpagina van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO).
